Je vriendengroep van vroeger bestaat nog wel, maar je ziet ze nog maar een paar keer per jaar. De één verhuisde, de ander kreeg kinderen, een derde werkt fulltime vanuit huis en komt de deur amper meer uit. Herkenbaar? Dan ben je niet de enige. Steeds meer mannen merken dat de plekken waar ze vroeger vanzelf mensen ontmoetten, verdwenen zijn. Geen kantoor meer met vaste lunchpauze, geen sportclub uit de buurt, geen stamcafé om de hoek. En daar komt nu iets voor terug: de hardloopclub.
De plek tussen werk en thuis is weggevallen
Sociologen noemen dit de "derde plek": een plek die niet je huis is en niet je werk, maar waar je toch regelmatig komt en dezelfde gezichten tegenkomt. Vroeger was dat de buurtkroeg, de kerk, de sportkantine of gewoon de stoep voor je huis. Die plekken zijn de afgelopen twintig jaar in rap tempo verdwenen. Thuiswerken maakte de pendel overbodig, en daarmee ook de collega's die je onderweg tegenkwam. Apps namen de rol over van de afspraak op de hoek. En horeca die vroeger draaide op vaste gasten, moest sluiten of vernieuwen omdat er simpelweg te weinig mensen bleven hangen.
Het gevolg is dat veel mannen na hun studietijd geen plek meer hebben waar nieuwe vriendschappen vanzelf ontstaan. Je moet er nu actief werk van maken, en dat voelt voor veel mannen ongemakkelijk. Netwerken op je werk is al lastig genoeg, laat staan gewoon een nieuwe vriend maken op je dertigste.
De cijfers liegen er niet om
Uit cijfers van het CBS blijkt dat eenzaamheid onder mannen net iets vaker voorkomt dan onder vrouwen: 47,7 procent van de mannen voelt zich weleens eenzaam, tegenover 44,6 procent van de vrouwen. Het verschil zit vooral in het soort eenzaamheid. Vrouwen voelen zich vaker emotioneel eenzaam, terwijl mannen vaker sociaal eenzaam zijn: ze hebben te weinig mensen om mee te sporten, te klussen of gewoon een biertje mee te drinken. Dat sluit precies aan bij wat de derde plek altijd oploste, en wat er nu mist.
Vooral mannen tussen de dertig en vijftig die alleen zijn komen te wonen, bijvoorbeeld na een scheiding, merken dit hard. Uit onderzoek van Eén tegen eenzaamheid blijkt dat mannen na zo'n breuk minder snel worden opgevangen door hun sociale netwerk dan vrouwen, en zich vaker terugtrekken in plaats van hulp te zoeken. Dat maakt het extra belangrijk om zelf een plek te vinden waar je regelmatig komt, ook als daar geen directe aanleiding voor is.
Hardloopclubs, bordspelavonden en de klussenclub
Het mooie is dat er iets terugkomt voor de verdwenen derde plek, en het zijn niet de plekken die je zou verwachten. Hardloopclubs schieten als paddenstoelen uit de grond, en dan niet de prestatiegerichte clubs van vroeger, maar losse groepen die drie keer per week om zeven uur 's ochtends een blokje rennen en daarna koffie drinken. Bordspelcafés zitten steeds vaker vol op doordeweekse avonden. En de ouderwetse klussenclub, waar je samen aan een project werkt in plaats van ieder voor zich, wint terrein onder mannen die iets met hun handen willen doen.
Wat deze plekken gemeen hebben, is dat ze een reden geven om te komen die niets met vriendschap te maken heeft. Je gaat niet naar de hardloopclub om vrienden te maken, je gaat om te rennen. De vriendschap ontstaat vanzelf, omdat je elkaar iedere week weer tegenkomt. Dat werkt makkelijker dan een borrel waar het hele doel "socialiseren" is, want dat voelt voor veel mannen geforceerd. Rucking-groepen werken om dezelfde reden zo goed: de inspanning is het excuus, het contact is de bonus.
Zo vind je een derde plek in je eigen stad
In bijna elke Nederlandse stad draait inmiddels een gratis parkrun, een wekelijkse 5 kilometer op zaterdagochtend waar iedereen welkom is, van beginner tot marathonloper. Je hoeft je nergens voor aan te melden, je scant gewoon je barcode en rent mee. Daarna blijft bijna iedereen hangen voor koffie. Zoek je iets rustigers, kijk dan of er een bordspelcafé in de buurt zit, veel steden hebben er inmiddels minstens één, met vaste avonden voor losse spelers. En voor wie liever iets bouwt: repair cafés en maakplaatsen draaien op vrijwilligers en nieuwe gezichten zijn er altijd welkom.
Het verschil met vroeger is dat je nu zelf moet zoeken in plaats van dat het je overkomt. Dat is wennen, want vriendschappen onderhouden als volwassen man is al een vaardigheid op zich, laat staan nieuwe beginnen. Maar de drempel is lager dan je denkt. Bij een parkrun of een klussenclub hoef je niets uit te leggen over waarom je er bent. Je bent er om te rennen of te klussen, de rest volgt vanzelf.
Waarom dit nu meer telt dan ooit
De reden dat dit onderwerp nu opeens overal opduikt, is niet toevallig. Een generatie mannen ontdekt tegelijk dat de automatische sociale structuren van vroeger, kantoor, kroeg, kerk, buurt, grotendeels zijn weggevallen, terwijl er nog niets goeds voor in de plaats kwam. Wie wacht tot het vanzelf gebeurt, wordt eenzamer. Wie actief een vaste plek opzoekt, zoals een hardloopclub op zaterdag of een klussenavond op woensdag, bouwt zonder dat het geforceerd voelt weer een netwerk op. Het kost een paar ongemakkelijke eerste keren. Daarna wordt het gewoon je week.